Kijk goed naar het plaatje en schilder
Kikker zo goed mogelijk na. Maak zijn kleren met stofjes.
Haas
Materiaal: verf, verfpapier, stofjes.
Kijk goed naar het plaatje en schilder
Haas zo goed mogelijk na. Maak zijn kleren met stofjes.
Varkentje
Materiaal: verf, verfpapier, stofjes.
Kijk goed naar het plaatje en schilder
Haas zo goed mogelijk na. Maak zijn kleren met stofjes.
Eend
Materiaal: verf, verfpapier, stofjes.
Kijk goed naar het plaatje en schilder
Haas zo goed mogelijk na. Maak zijn kleren met stofjes.
Krokodil
Materiaal: verf, verfpapier, stofjes.
Kijk goed naar het plaatje en schilder
Haas zo goed mogelijk na. Maak zijn kleren met stofjes.
Olifant
Materiaal: verf, verfpapier, stofjes.
Kijk goed naar het plaatje en schilder
Haas zo goed mogelijk na. Maak zijn kleren met stofjes.
Kikker is verliefd
Materiaal: a3 papier, sitspapier.
Knip de strepen van het truitje van kikker. Maak
daarna de armen, benen en het hoofd van kikker. Je kunt er evt. nog een mooi
groot hart bij tekenen of plakken.
Kikker in de kou
Materiaal: closetrollen, verf, gekleurd papier.
Maak met je vingers sneeuw op het
blauwe papier. Maak van een closetrol de kikker. Geef de kikker een lekkere
warme sjaal, want het is erg koud in de winter.
Wikkel de closetrollen om met gekleurde vouwbladen.
Verven kan natuurlijk ook. Maak van vlechtstroken, de streepjes op het shirt
van Kikker en de armen en de benen. Rijg een touw door het hoofd van Kikker
om hem op te hangen.
Knip uit de eierdoosjes de vorm van een rups.
Beschilder de rups. Steek aan de bovenkant van de kop twee stukje
chenilledraad. Plak aan de voorkant de wiebeloogjes. Je kunt de ogen ook
gewoon met verf maken. Knip een groot blad uit en zet hierop de rups.
Rupsje nooit genoeg
Materiaal: vouwcirkels en stiften.
Plak verschillende vouwcirkels aan
elkaar en maak onder elke cirkel twee pootjes.
Verf de appel en rupsje nooit genoeg. Als het droog is plak je de appel
op een gekleurd papiertje. Maak twee kleine gaatje in het hoofd voor de
chenilledraad met kraaltjes. Plak rupsje nooit genoeg op de appel.
Vlinder
Materiaal:
verfpapier en verf.
Verf één kant van de vlinder op papier. Vouw het
plaatje dubbel en wrijf er voorzichtig overheen. Nu heeft de vlinder twee
vleugels.
Gevlochten vlinder
Materiaal: vlechtstroken, voorgesneden blad met een vlinder erop.
Ga om en om, met de verschillende kleuren
vlechtstroken, door de voorgesneden lijnen heen.
Vlinderschilderij
Materiaal: brede vlechtstroken, een wit a4-tje, vouwbladen.
Maak een lijst om het witte blad met vlechtstroken.
Maak zes vliegers van de vouwbladen. Maak hiervan je vlinder. Plak je
vlinder op het blad en je schilderij is klaar.
Twee kinderen werken samen aan deze opdracht. Ze maken
allebei de helft van de vlinder. De vleugels worden gemaakt door een twee
vliegers te vouwen en deze aan elkaar te plakken. Maak er dan nog samen een
mooi lijf aan.
Vlinder met vingerverf
Materiaal: verf en schilderpapier.
Versier de vlinder met je vingers.
Raamvlinder
Materiaal: stiften en slaolie.
Kleur de vlinder mooi in met stiften.
Ga er daarna met een kwast met slaolie over heen. Dan wordt de vlinder mooi
doorzichtig. Plak m daarna op het raam.
Vlinder van handen
Materiaal: verf, sitspapier.
Verf je handen en zet deze op papier.
Maak het lijf en de voelsprieten van sitspapier.
Vouw de olifant uit een wit a4-papiertje. Knip dan kleine vierkantjes uit
gekleurd papier en pas en meet dan deze vierkantjes. Plak ze op de olifant.
Versier de omgeving van de olifant.
Elmer 2
Materiaal: wit a3-papier, verf.
Teken Elmer op een a3-papier. Kleur Elmer met verf heel mooi in.
Kleur de kleurplaat van Elmer op z'n mooist in. Misschien is het leuk om
de plaatjes van de andere olifanten uit het prentenboek te laten zien. Plak
Elmer op een gekleurd vel papier. Met plakfiguren kun je het seriëren goed
oefenen.
Elmer puzzel
Materiaal: een kopie van een plaat uit het prentenboek
van Elmer.
Maak er een puzzel van door een paar lijnen over de kopie heen te
trekken. Laat de kinderen de puzzel uitknippen en dan weer aan elkaar maken
en op een gekleurd papiertje plakken.
Jip en Janneke
Jip en Janneke
Materiaal: gekleurd papier, plakfiguren.
Maak met gekleurd papier een Jip of een Janneke. Seriëer met plakfiguren de rand.
Jip en Janneke puzzel
Materiaal: een kopie
van een plaat uit het prentenboek van Elmer, gekleurd papier.
Maak er een puzzel van door een paar lijnen over de kopie heen te
trekken. Laat de kinderen de puzzel uitknippen en dan weer aan elkaar maken
en op een gekleurd papiertje plakken.
Worteltjestaart
Haas
Materiaal: vouwpapiertjes of plakfiguren.
Vouw eerst 16 vierkantjes en knip de vierkantjes uit of gebruik gewoon
vierkante plakfiguren.
Leg ze in de vorm van een haas neer.
Blokjestaart
Materiaal: vouwpapiertjes of plakfiguren.
Vouw eerst 16 vierkantjes en knip de vierkantjes uit of gebruik gewoon vierkante plakfiguren.